ARQ&A: opnamekliniek in Oegstgeest

met manager Karin en expertiseteamleiders Ellen en Nienke

Illustratie van patiënten in een van de huiskamers van de kliniek
AI-afbeelding van een groep patiënten in een van de huiskamers in de kliniek

Intensieve traumazorg vraagt om maatwerk, samenwerking en ruimte voor herstel. In de opnamekliniek van ARQ (ARQ Centrum'45) worden mensen behandeld met ernstige en vaak complexe traumaproblematiek. Van vluchtelingen en veteranen tot mensen met vroegkinderlijk trauma: iedere patiënt vraagt om een eigen aanpak. 

In deze ARQ&A vertellen manager Karin Klaverveld en expertiseteamleiders Ellen Klaassens en Nienke Smit o.a. over de ontwikkelingen binnen de kliniek, de kracht van intensieve behandelingen en de rol van samenwerking. Ook delen zij hoe de kliniek in het leven van patiënten en gezinnen daadwerkelijk verschil kan maken.

 

1. De vraag naar specialistische psychotraumazorg lijkt toe te nemen. Merken jullie hier iets van? En welke maatschappelijke ontwikkelingen maken dat de rol van een kliniek als ARQ Centrum'45 juist nu zo belangrijk is?

Ja, wij merken dat de problematiek complexer wordt. Dit komt ook omdat er in het land meer aandacht is voor psychotraumazorg en meer instellingen dit aanbieden. De patiënten met de meest complexe problematiek worden vervolgens naar ons verwezen. We zien vaak mensen met een combinatie van langdurige complexe PTTS, verslaving, systeemproblematiek, automutilatie, problemen met het reguleren van emoties en moeilijke psychosociale omstandigheden. Wat we daarnaast bemerken is dat de maatschappij verhardt. Voor vluchtelingen is steeds minder aandacht en zorg waardoor de problematiek laat wordt opgemerkt. En beroepsbeoefenaren in uniform (bijvoorbeeld politie) ervaren steeds minder respect in hun werk, lijken steeds meer agressie van burgers mee te maken wat een grote invloed heeft op hun psychische welbevinden. Tegelijkertijd is er meer aandacht voor de mogelijke psychische gevolgen van geweld waardoor mensen de weg naar hulp sneller vinden, hoewel het helaas ook nog steeds een taboe is.

 

2. Waarin onderscheidt de kliniek van ARQ Centrum'45 zich van andere aanbieders van specialistische traumazorg?

De kliniek biedt 24 uur per dag zorg en stevige holding aan ernstig getraumatiseerde mensen. We zijn gespecialiseerd in complex trauma, zijn een derdelijns instelling, waardoor we vaak worden ingezet door andere ggz-instellingen als behandelingen daar vastlopen. In het team werken we maximaal multidisciplinair samen, denk aan sociotherapeuten, vaktherapeuten, psychologen, psychiaters. We hebben daarmee ook een gevarieerd behandelaanbod. We doen zelf onderzoek naar het effect van verschillende behandelvormen (zoals HITT/HI-NET).  Ons aanbod is gebaseerd op evidence based behandelvormen, maar wordt ook op maat gemaakt omdat de ‘standaard traumabehandelingen’ eerder niet het gewenste effect hebben gehad. Er wordt daarom door het team heel creatief gedacht in mogelijkheden.

Alle patiënten, van alle doelgroepen die wij behandelen, hebben ernstige traumaproblematiek.

3. Binnen de kliniek behandelen jullie verschillende doelgroepen, van Nederlandstalige patiënten tot vluchtelingen en asielzoekers. Wat verbindt deze groepen, en waarin vraagt de behandeling juist om een andere aanpak?

De verschillende doelgroepen hebben bij ons verschillende woonkamers. Alle patiënten, van alle doelgroepen die wij behandelen, hebben ernstige traumaproblematiek. Bij de vluchtelingen is er sprake van grote culturele verschillen die maken dat de behandeling soms anders vormgegeven moet worden dan bij de Nederlandse populatie. Vaak is er minder kennis van en ervaring met de GGZ en kijkt men anders aan tegen psychische problemen en hoe dat behandeld dient te worden. Bij de patiënten waarbij vroegkinderlijk trauma speelt en meer sprake is van emotieregulatieproblematiek is ook weer een andere aanpak nodig, expliciet gericht op het leren reguleren van emoties. 

Wat verbindend is, is dat de verschillende doelgroepen, die elkaar buiten de kliniek niet snel zouden treffen, bij ons gezamenlijk badminton spelen, elkaar ontmoeten bij de activiteitenbegeleiding en elkaar tegenkomen bij het koffiezetapparaat.

 

4. Wetenschappelijk onderzoek naar traumabehandeling ontwikkelt zich snel. Welke nieuwe inzichten hebben de afgelopen jaren de grootste impact gehad op hoe jullie patiënten behandelen?

We hebben door de positieve ervaringen met hoog intensieve behandelingen alle behandelingen binnen de kliniek geïntensiveerd en korter gemaakt. Opnames verschillen nu van 1 week tot maximaal zeven maanden, afhankelijk van de doelgroep en de problematiek. Onderzoek in Amerika met MDMA en psychotherapie hebben geleid tot de MP18 waarbij patiënten bleven naslapen. Momenteel doen we een onderzoek waarbij patiënten vier weken klinisch behandelingen krijgen, ondersteund door MDMA (HI-MAP). Onderzoek naar de dialectische gedragstherapie (DGT) heeft geleid tot de implementatie van de DGTT-afdeling (dialectische gedrags- en traumatherapie) waarbij we het effect van de toevoeging van DGT op de traumatherapie onderzoeken bij patiënten met complex trauma.

 

5. Een van de intensieve behandelmogelijkheden is de Hoog Intensieve Trauma Therapie (HITT). Wat is HITT precies, voor welke patiënten is deze intensieve behandeling bedoeld, en wat maakt deze aanpak zo bijzonder?

De HITT is een aanbod van 5 dagen waarbij exposure en EMDR afwisselend worden aangeboden en een patiënt 10 traumatherapie sessies in een week krijgt. Dit aanbod is bedoeld voor patiënten die elders in behandeling zijn waarbij intensivering van de behandeling gewenst of nodig is. Patiënten gaan na de HITT altijd door met hun behandeling bij hun eigen behandelaar in de regio. Dit aanbod is voor alle mensen die getraumatiseerd zijn en in een lopende traumabehandeling zitten, niet alleen voor de specifieke doelgroepen die we binnen ARQ Centrum’45 behandelen.  

De problematiek binnen een gezin, als gevolg van PTSS, is soms heel fors.

6. Een ander bijzonder onderdeel van de kliniek is de Gezinskliniek. Waarom is het soms noodzakelijk om niet alleen de patiënt, maar het hele gezin onderdeel van de behandeling te maken?

Trauma heb je niet alleen. We zien vaak dat, als 1 gezinslid getraumatiseerd is, dit effect heeft op het hele gezin en dat er ook veel gezinnen zijn waarbij meerdere gezinsleden getraumatiseerd zijn. De problematiek binnen een gezin, als gevolg van PTSS, is soms heel fors. In de gezinskliniek behandelen we getraumatiseerde gevluchte gezinnen. Doordat het hele gezin hier is kunnen we integraal werken aan het verwerken van de trauma’s van de individuele gezinsleden, maar ook de verstoorde gezinsinteracties aanpakken. Kinderen die de verzorgers van de ouders zijn geworden, gezinsleden die niet met elkaar kunnen praten, onveiligheid in het gezin en ouders die moeite hebben zich veilig te hechten aan hun kinderen zijn voorbeelden van problemen die we in de gezinskliniek zien. Als ouders minder spanning hebben doordat hun trauma’s verwerkt zijn ontstaat er meer ruimte om er voor hun kinderen te zijn. Er wordt gewerkt aan het verbeteren van de hechtingsrelaties die voor de hele ontwikkeling van kinderen ontzettend belangrijk is. 

 

 7. Kunnen jullie een voorbeeld geven van hoe de kliniek in de praktijk het verschil kan maken voor een patiënt of gezin?

We hebben heel veel voorbeelden! Wij hebben in de gezinskliniek bijvoorbeeld een getraumatiseerde moeder gehad die een kind had wat was geboren uit een gewelddadige verkrachting in een Libische gevangenis. Zij kon niet van het kind houden omdat zij, elke keer als zij naar haar kind keek, de vader van het kind zag. Ze kwamen samen in de gezinskliniek. Het kind was apathisch en opgehouden met aandacht te vragen van zijn moeder. Na een succesvolle behandeling in de kliniek kon de moeder liefde voelen voor haar kind en haar kind los zien van de dader. De moeder sliep beter, was minder angstig en de traumaklachten stonden niet meer op de voorgrond.

Een getraumatiseerde Bosnië veteraan die al jarenlang op zolder verbleef om zijn gezin niet tot last te zijn, nam niet meer deel aan de maatschappij. Hij kon na een geslaagde klinische traumabehandeling, aangevuld met systeemtherapie, weer genieten van het leven en telt weer mee in zijn gezin.

Een jonge vrouw die vanaf haar prille jeugd seksueel misbruikt werd door haar vader en ooms, leed onder herbelevingen, sociaal isolement en grote angst. Zij sneed zichzelf regelmatig en had last van constante suïcidegedachten. Na een klinische DGTT-behandeling kon zij voorzichtig weer deelnemen aan de maatschappij en mensen vertrouwen.

 

8. Intensieve traumazorg vraagt veel van behandelaren. Hoe zorgen jullie ervoor dat verschillende disciplines goed samenwerken en dat medewerkers duurzaam inzetbaar blijven?

Het werk is inderdaad soms zwaar. Wat het team helpt is dat we zeer regelmatig intervisie met elkaar hebben. De deuren staan, buiten de afspraken om, vrijwel altijd bij iedereen open waardoor we elkaar laagdrempelig kunnen opzoeken voor steun, begrip of een praatje. Daarnaast wordt er in het team ook vaak met elkaar gelachen, lunchen de meeste collega’s met elkaar en worden er vanuit het team soms leuke activiteiten buiten werktijd georganiseerd.   

Ook merken we dat veel verwezen patiënten kampen met verslavingsproblematiek.

9. Wat zijn op dit moment de grootste uitdagingen in/voor de kliniek? Denk bijvoorbeeld aan complexiteit van problematiek, wachttijden, cultuurverschillen of personele vraagstukken.

Er ligt meer druk op de medewerkers in de kliniek door de toegenomen complexiteit van de problematiek die we behandelen. We zullen aandacht moeten blijven houden voor de draaglast-draagkracht verhoudingen. Ook merken we dat veel verwezen patiënten kampen met verslavingsproblematiek. De traumaklachten maken dat het hen moeilijk lukt om af te kicken, en het gebruik maakt dat de traumabehandeling niet lukt. Tijdens of na ontslag vindt er vaak een terugval plaats in gebruik. Het zou mooi zijn als er een meer integraal aanbod zou kunnen komen voor deze dubbeldiagnose. Daarnaast kampen we met ruimtetekort. We zouden meer kamers, zowel slaapkamers als werkruimtes, willen hebben om onze doelgroepen goed te kunnen behandelen met de juiste zorg. En net als in de hele zorg is het ook voor ons een uitdaging om voldoende goed geschoold personeel te vinden. 

  

10. Als jullie vijf jaar vooruitkijken: welke ontwikkeling, ambitie of innovatie zouden jullie graag gerealiseerd zien binnen de kliniek van ARQ Centrum'45?

Er is een nieuw onderzoek van start gegaan, de SLEEP DEEP studie, waarbij we onderzoeken of we het behandeleffect van de traumabehandeling (HITT) kunnen vergroten door de slaap te verdiepen. Ook gaat er een onderzoek plaatsvinden naar mogelijk de toevoegende waarde van intensief bewegen direct na een HITT-behandeling (MOVE-ITT). Een andere toevoeging aan de hoog intensieve narratieve exposure therapie is dat we die nu ook doen bij vluchtelingen die de Nederlandse taal niet machtig zijn (BETT’r).  We sluiten ook steeds meer aan met onderzoek dat op de polikliniek plaatsvindt, zoals 3MDR behandelingen bij vluchtelingen. Wat we graag nog zouden toevoegen is het gebruik van kunstmatige intelligentie om de administratie last te verminderen en een passend na-traject voor na de klinische opname. 

Wil je meer informatie over onze opnamekliniek?

Op de kliniekpagina lees je meer over de populatie, verwijzing, intake en het open spreekuur.